Het werk van de Belgische kunstenaar Francesco Fransera (architect en wetenschapper) is gegroeid uit natuurfilosofisch onderzoek. Het wil de scheiding tussen wetenschap, techniek, poëzie en ethiek overbruggen. Hierdoor kan de toeschouwer zijn persoonlijk wereldbeeld beter plaatsen binnen het door hem geformuleerd wetenschappelijk wereldbeeld; een noodzakelijke voorwaarde voor het bereiken van nieuwe ontologische (zijnsleer) inzichten en een meer humane wereld.

Om zijn wereldbeeld toegankelijk te maken, maakt hij wereldbeeld structuren of architecturale installaties voor wereldbeeld vorming. Zijn tekeningen werken hierbij ondersteunend. 20 jaar onderzoek, waarbij allerlei wetenschappen werden geïntegreerd, deden hem inzien dat het nieuw wetenschappelijk wereldbeeld, gegroeid vanuit de fysica, het oud wereldbeeld totaal heeft gewijzigd. Dit ligt in het feit dat alle gebeurtenissen van macro- tot microschaal en van het begin van de tijden tot op heden, met elkaar fysisch zijn verbonden.

Uit dit inzicht kon hij archetypes (oerbeelden) afleiden die zijn wereldbeeld hebben ‘vorm’ gegeven. Die vorm wil hij overbrengen aan de mensen.

1) Bij zijn tekeningen en installaties is de palmboom, die reeds eeuwen geleden symbool stond voor wereldbeeld, bedoeld als metafoor voor de natuur in het algemeen en specifiek voor de vervalprocessen op kwantumfysisch niveau. Bij de fysische proeven, met name in bellenvaten waarbij deeltjes in botsing worden gebracht, worden dergelijke tekeningen gegenereerd, die als onderlegger kunnen dienen voor de figuur van een palmboom.

 

Palmboom

2) Op wetenschappelijk vlak kon hij aantonen dat alle mogelijke vervalprocessen of kwantumsprongen aan eenzelfde regelmatigheid beantwoorden. Hij noemde deze regelmatigheid ‘de kleinste ruimte-actie’ of ‘de kleinst begrensde hoeveelheid onzekerheid’. Zelfs de wijze waarop het heelal is ontstaan, beantwoordt aan dit patroon. Dit is de fysische regelmatigheid die alles met alles verbindt. Uit dit basispatroon ontstonden de herkenbare regelmatigheden zoals symmetrie, verborgen symmetrie, spiegelbeeld, repetities van cirkel en spiraal, de geometrische vormen, maar tenslotte ook de scheikundige en complexe biologische patronen die het leven vormgeven. Hij stelt daarom “De evolutie begint bij de oerknal”. 3) Tot op heden echter waren de kwantummechanica en de bouwmechanica twee werelden die men helemaal niet kon linken. Hij toont aan dat 'de kleinste ruimte-actie' in wiskundig verband staat met het hefboomeffect in de bouwkunde. Bij zijn architecturale structuren wordt telkens een zelfde patroon van bouwknoop, waarin de hefboomtechniek wordt gebruikt, gerepeteerd. Hierdoor ontstaan poëtische constructies die dichtbij de natuur en de evolutie staan. 4) Zijn werk behandelt o.m. het probleem van de afnemende biodiversiteit en cultuur-diversiteit. Architectuur kan een belangrijke invloed hebben op deze problematiek. Vandaar zijn de architecturale installaties, met zijn bouwwijze ontwikkeld, eerder gericht op het beschermen van bestaande ecotopen en vrijheid in vormgeving. Dit kan door gebruik te maken van kleine houtsecties. Takken of daarvoor aangeplante jonge boompjes komen dan in aanmerking, terwijl volwassen bomen en bossen kunnen worden bespaard.

Een steeds terugkerend thema is: ‘Hoe kunnen we plaatselijke culturen behouden en deze toch laten deelnemen aan de modernisering ’

  • Elementen van het nieuw wereldbeeld:
    • Alles is met elkaar verbonden door een beperkt aantal stappen (h/2.pi.c). Vanaf het ontstaan van het heelal(Oerknal).
    • De schoonheid van de diversiteit ligt gebed in de onvolmaaktheid van het leven. In de overgang ligt de rijkdom.
    • Biodiversiteit (ook ten voordele van medicatie) en diversiteit in persoonlijkheid zijn levensbelangrijk.
    • Dit moet dus ook ondersteund worden door architectuur.
    • Het klimaat en de geologie van een regio spelen een specifieke rol naar plantenverschillen, dierenvariatie en evolutie toe. Daarom het toepassen van plaatselijke materialen.
  • Elementen van de modernisering die belangrijk zijn voor de plaatselijke culturen
    • Vernieuwde inzichten in de samenhang der wetenschappen en in de techniek
    • Deze nieuwe inzichten toepasbaar maken op plaatselijke materialen. Op een beheerste manier plaatselijke materialen gebruiken, werkt namelijk ondersteunend voor de biodiversiteit, want dan juist ontstaat er bescherming van de flora en (dus) fauna door de plaatselijke bevolking
    • De plaatselijke vormgeving (filosofisch en religie gebonden) mogelijk houden en tezelfdertijd mogelijkheid om deze vormgeving aanpasbaar en evolutief te maken.
    • De ontwikkeling van plaatselijke economieën bevorderen om armoede te bestrijden.